LNVH Monitor

Eens per jaar brengt het Landelijk Netwerk Vrouwelijke Hoogleraren de Monitor Vrouwelijke Hoogleraren uit. De Monitor geeft inzicht in de actuele man-vrouw verdeling in de wetenschap en de percentages vrouwelijke wetenschappers en bestuurders aan de Nederlandse universiteiten, universitair medische centra en in andere wetenschappelijke organisaties.

OnderzoekinstellingenUmc'sUniversiteiten

Daarmee vormt de Monitor de fundering onder maatregelen en beleid op het gebied van genderdiversiteit, zet het aan tot actie en geeft het inzicht in waar de obstakels zich bevinden in de nog altijd gebrekkige doorstroom van vrouwen naar de top. SoFoKleS levert jaarlijks een financiële bijdrage aan de LNVH-monitor om blijvende aandacht en dialoog over diversiteit en gelijkheid binnen universiteiten te stimuleren.

Boek

Uitkomsten monitor 2021

Voor het eerst in de geschiedenis is 25% van de hoogleraren in Nederland vrouw

Het percentage vrouwelijke hoogleraren dat werkzaam is aan Nederlandse universiteiten is 25,7%. Zo blijkt uit de Monitor Vrouwelijke Hoogleraren 2021. Daarmee is voor het eerst in de geschiedenis 1 op de 4 hoogleraren vrouw. Het aandeel vrouwelijke hoogleraren steeg 1,5 procentpunt ten opzichte van het jaar 2020. Het zal nog tot 2040 duren voordat er onder hoogleraren een evenredige man-vrouwverdeling zal zijn bereikt.

Hoe hoger op de academische carrièreladder, hoe minder vrouwen

Van de afstudeerders aan de Nederlandse universiteiten is meer dan de helft vrouw. Toch is maar 25,7% van de hoogleraren vrouw. De Open Universiteit staat net als vorige jaren op de eerste plaats met 42% vrouwelijke hoogleraren. Het is daarmee de eerste universiteit die de grens van 40% vrouwelijke hoogleraren overschrijdt. Technische Universiteit Delft staat op de laatste plaats met maar 17,9% vrouwelijke hoogleraren. De TU Delft is de enige universiteit die de grens van 20% vrouwelijke hoogleraren nog niet heeft bereikt.

Vrouwelijke wetenschapper vaker een tijdelijk contract & lager salaris

Vrouwelijke wetenschappers hebben vaker een tijdelijk contract dan hun mannelijke collega’s. Dat geldt voor alle functiecategorieën. Het verschil is met 4,8% bij de universitair docenten het grootst: 31,6% van de vrouwelijke universitair docenten heeft een tijdelijk contract tegenover 26,8% van de mannelijke universitair docenten. Wat betreft salaris zijn vrouwen gemiddeld systematisch lager ingeschaald dan hun mannelijke collega’s. Dit is onveranderd ten opzichte van vorig jaar.

Meer informatie

Meer informatie is te vinden op de website van de LNVH Monitor

Copyright 2020

Deze website gebruikt cookies om je de beste ervaring te kunnen aanbieden. Accepteer de cookies door op 'Accepteer cookies' te klikken.